Inmiddels heeft Boomstra gewonnen. De basis voor deze overwinning is gelegd via een alleen bij insiders bekend subvariantje van de geweigerde Keller. Roel Boomstra had enkele jaren terug ook al succes met deze truc tegen Shaibakov. Alleen kreeg hij later een lekke band. Er is ook een partij Boomstra - Meurs. Zelf heb ik het in een correspondentiepartij Vermin - Luteijn op het bord gehad. In de diagramstand begint het schema met 30-24x25. Dat is niet echt een goede zet. Maar wat te doen met zwart ?
Het is de witte bedoeling op 11-16 aan te sturen op een korte vleugel opsluiting of een hekstelling. Een ander gedachte is het lostrekken van de formatie 3,9,14. In een flankspelpositie maakt het voorde omsingelaar een wereld van verschil of deze formatie nog aanwezig is. In de partij Vermin - Luteijn volgde (4-9) 44-40 (14-20x20) 47-42 (3-9) 30-34 (9-14) 34-30 (13-19) 37-31 (11-16) 32-27x27 en zwart had de rest van de partij de overhand. Het liep remise.
In de partij Boomstra - Meurs ging het verder met (4-9) 44-40 (13-19) 37-31 (22-28x28) 38-32x32 (18-23) 31-27 met een korte vleugel opsluiting. In Boomstra - Shaibakov volgde (11-16) 37-31 (7-11) 32-27x27 en de strijd ging lange tijd gelijk op. Tot de witspeler verrast werd door een finesse.
In deze partij tegen Ivanov is het een beetje kuit nog vis. Zwart probeert aanvankelijk alle opsluitingen tegen de korte vleugel eruit te houden via (4-9) 47-42 (14-19) 39-34 (9-14) 34-29 (3-9) 44-39 en besluit dan te berusten en speelt (11-16).
Een idee is nu of eerder 22-28x28. Voor de hand ligt (19-23?) om de beslissingen nog wat verder uit te stellen. Wit heeft evenwel de schijfwinst 32-27. Ook (11-16) is een redelijke zet, mits daarna iets dappers wordt gedaan. In de partij bleek de hekstelling 37-31 (7-11) 32-27x27 heel erg voor zwart. Wij (Ron en ik) zien daarna eigenlijk geen spel meer voor zwart. Kennelijk heeft Ivanov geen moment gekeken naar de hekstelling, waar een korte vleugel opsluiting meer voor de hand lijkt te liggen.
Zwart heeft andere mogelijkheden. Het ruiltje naar 27 geeft wit druk tegen schijf 27. Dat hoeft niet beslissend te zijn. Maar het vergt wel sterke zenuwen. Logisch is het ruiltje naar 28. Wit kan reageren met 38-32x32 om aan te sturen op een korte vleugel opsluiting. Die lijkt evenwel geen lang leven beschoren. Een redelijke zet is ook (19-23) om wit uit het centrum te duwen.